Ingezonden door Kasper Koster

Gepubliceerd door venv-admin op

Voor Edo en mijn andere vrienden:

Op Hemelvaartsdag lijkt de wereld altijd een stukje mooier en vrediger dan op andere dagen. Ik zou absoluut een goed en overtuigd Christen zijn, als ik zou zeggen dat dit komt door deze Christelijke gebeurtenis zo’n 2000 jaar geleden.
Maar dan zou ik u voorliegen.
Op Hemelvaartsdag ben ik al sinds jaar en dag bij het toernooi bij Vlug en Vaardig te vinden, eerst nog het Hoge Hoedentoernooi, maar al heel lang het Sixentoernooi. Ik zou overigens ook nergens anders willen zijn.

Maar op deze dag lijkt de wereld of beter gezegd mijn wereld een stukje mooier te zijn.
Dan zie ik alleen maar lachende, blije gezichten van wie ik zovelen al bijna mijn hele leven ken.
Denk aan Ewart Tamminga met wie ik al sinds mijn 9e in een team speelde, Frank Hellinga met wie ik al sinds dezelfde leeftijd buiten voetbalde als ik bij mijn tante logeerde. Guus Boerman, die onder strenge leiding van mijn vader in de A1 zat en vervroegd in ons eerste elftal belandde, waar hij uitgroeide tot onze beste verdediger aller tijden. Als klein kind keek ik al enorm tegen hem op, want dat deed ik ook tegen de Eiffeltoren, die naar mijn gevoel als klein kind even hoog was. Alleen keek ik tegen Guus meer op.
Maar zo zijn er nog zoveel meer. Ook ken ik van een aantal ook de partners en kinderen, soms zelf kleinkinderen.
Het voelt als een familiereünie met dien verstande dat ik de mensen van Vlug en Vaardig veel beter ken dan mijn familie.
Zo heb ik van de mannen van ‘De Wilde’ geleerd dat je ook met een kleine ronding aan de voorkant nog steeds woest aantrekkelijk kunt zijn. Sterker nog: Ik heb ze zelf als voorbeeld genomen en zelf ook een klein buikje gekweekt, helaas met een minder mooi resultaat.
Frank heeft mij zelfs laten zien dat ook ons soort mannen mooie kinderen kunnen opvoeden.
Ik geniet ervan als bv Rob Oosterloo en Theo de Wilde samen met hun kleinkinderen op het veld staan en ik regelmatig hoor roepen:
“Hier opa, ik sta vrij.”
Voor mij is dat het ultieme geluk.
Soms is het grappig dat je kunt zien dat talent soms een generatie overslaat zoals bij Jarno. Wel sneu voorJarno dat hij degene is die de generatie vormt, die dit oversloeg. Maar voor hem geldt verder wel hetzelfde als voor Frank.

De hele dag hoor ik mensen tijdens de wedstrijden lachen. Er zijn scheidsrechters aanwezig, maar die lijken niet nodig. Het wordt onderling geregeld. Bij een overtreding worden meteen excuses aangeboden en worden mensen op de been geholpen. In het verleden heb ik dit zeker anders meegemaakt tot scheldpartijen en onnodige opstootjes aan toe. Dat hoort niet bij deze club en het toernooi. Bij het Sixentoernooi gaat het niet om het winnen of verliezen. Bij dit toernooi zijn alle deelnemers en supporters namelijk winnaars. Het is voor mij de ultieme vorm van geluk.

Ik heb tijdens het toernooi eigenlijk maar één keer een wanklank vernomen waar ik zelf de reden van was. Bij de enige bal die ik tegen hield ketste deze bal in volle vaart tegen meneer de Wilde, die met rollator en al, bijna ondersteboven werd gekegeld. Gelukkig is de beste man enorm vergevingsgezind en nog steeds mijn grootste fan.

Uiteindelijk worden bij de recreanten de ploeg met als naam ‘Wouter in Oranje’ tot winnaar gekroond met de sympathieke Stan Westerveld als aanvoerder. Alleen al de naam maakt het de ploeg de terechte winnaar na een zinderende finale.

In de competitieve poule wordt een ploeg eerste, waarvan ik de naam ben vergeten. Het waren in ieder geval niet de goedkope Hellingaatjes, zodat hun hegemonie van de laatste jaren is doorbroken. Het voordeel van het winnen is dat je een meter bier gratis krijgt, maar ook de betaalde meters bier worden doorlopend aangedragen ondanks de frisse wind.
Ik merk wel dat mijn geest gevangen zit in een oud lichaam, wat overigens al jarenlang het geval is. Mijn hele lichaam doet pijn, terwijl ik alleen maar op het doel stond. Ik had mijzelf voorgenomen om na afloop naar het optreden van Gerard Alderliefste in Zaandam te gaan, aangezien het eten reeds bijtijds wordt geserveerd. Maar ik merk steeds meer dat ik zelfs niet meer wil zitten, alleen maar op de bank wil hangen.
Dus nadat ik nog enige tijd heb rondgehangen en bijgepraat taai ik uiteindelijk af, waar ik uiteindelijk mijn lichaam de broodnodige rust gun. Alleen mijn hersenen werken nog op volle toeren en ik maak een tijdreis naar het verleden, waar ik mijzelf als klein jochie op de velden zie rondstruinen. In die tijd hadden wij ook nog de Honingraten als kleedkamers, wat vaak betekende dat je op de velden achter het Vlug en Vaardig-terrein moest spelen, waarvoor je een eind moest lopen. Ik zie mijzelf nog zo stoer mogelijk poseren in het groen/oranje shirt toen we met de B-pupillen 1 kampioen waren geworden, waar Frank Hellinga en Ewart Tamminga ook onderdeel van uitmaakten. Ik zie mijzelf steevast met de A1 meereizen, waar mijn vader jarenlang de coach van was, waar zoveel goede spelers in zaten als Guus Boerman, Eric Hunze, Gert Uiterwijk, Wim van Baekel, Peter Kort enz. Bij het kampioensfeest mocht ik altijd even langskomen, waar ik bij de spelers mocht zitten. Achteraf begrijp ik pas hoe bijzonder deze tijd was. Vlug en Vaardig is een groot deel van mijn jeugd geweest en was ik hele zaterdagen op de club te vinden. De club heeft mij mede gevormd en vriendschappen voor het leven gegeven.
Maakt dit mij een sentimentele oude lul?
Misschien wel, maar ik laat niemand mij dit gevoel afnemen.
Dus zal ik volgend jaar weer aanwezig zijn op het Sixentoernooi. Misschien nu gewoon als supporter of scheidsrechter. Dat maakt mij niet zoveel uit, als ik er maar bij ben.
Want op Hemelvaartsdag ziet de wereld er voor mij altijd een stukje mooier uit. Dan verdwijnen de oorlogen, beangstigende wereldleiders, demonstraties en andere ellende even naar de achtergrond en wordt dit alles weggevaagd door de kracht van de vriendschap.

Ik zie u volgend jaar toch ook weer?